maandag 15 maart 2010

De verantwoordelijkheid van de VVD

Waarom wordt er zo weinig over de VVD gesproken? De VVD heeft het de afgelopen tien jaar op een verschrikkelijke manier laten liggen en daar wordt relatief maar weinig over gesproken. Zowel als het gaat om personen als om de koers heeft de VVD het niet goed gedaan. En wat heeft dat allemaal opgeleverd?

Omdat het achteraf altijd makkelijk praten is, zullen we dat gewoon eens even doen. Een vraag die mij dikwijls bezighoudt is: "Wat zou er gebeurd zijn als Frits Bolkestein in 1999 niet Europees Commissaris voor Interne markt, de Douane Unie en Belastingen was geworden, maar gewoon fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer was gebleven." Was het tweede paarse kabinet een beter kabinet geweest? Was Fortuyn dan ook opgestaan? Was Verdonk minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie en later minister voor Integratie, Jeugdbescherming, Preventie en Reclassering geworden, met alle gevolgen van dien? Was Henk Kamp dan misschien wel Bolkestein z'n opvolger geworden? Was onder Henk Kamp Wilders niet geradicaliseerd? We hebben er op zich niets aan om deze vragen te stellen, want het is niet gebeurd en er valt iets terug te draaien.

Maar mag je een partij aanspreken op een verantwoordelijkheid met betrekking tot de delen van de bevolking die zij hoort te vertegenwoordigen? Bestaat die verantwoordelijkheid überhaupt?

Hoe dan ook, de voor VVD begrippen linkse Mark Rutte heeft het gat laten bestaan waar Wilders (en een vluchtig moment Verdonk) in is gesprongen. Het begon al bij Hans Dijkstal, die met zijn zalvende toon geen partij was voor Fortuyn en in het beroemde debat na de gemeenteraadsverkiezingen waar zure Melkert werd geschonken eigenlijk helemaal niets in te brengen had. Hij sipte verlegen mee.

Aangezien ik vermoed dat de VVD een aantal van onze peren heeft gebakken door ideologisch de verkeerde keuze te maken, hier de resultaten van de VVD bij Tweede Kamerverkiezingen om er achter te komen of die hypothese een beetje standhoudt:
Wiegel 1972 (22, +6)
Wiegel 1977 (28, +6)
Wiegel 1981 (26, -2)
Nijpels 1982 (36, +10)*
Nijpels 1986 (27, -9)*
Voorhoeve 1989 (22, -5)*
Bolkestein 1994 (31, +9)
Bolkestein 1998 (38, +7)
Dijkstal 2002 (24, -14)*
Zalm 2003 (28, +4)
Rutte 2006 (22, -6)*
Rutte 2010 (21, -1)**

* sociaal-liberale lijsttrekkers
** peiling Synovate 3 maart 2010 (verder buiten beschouwing gelaten)

En dan nu zonder rekening te houden met de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen wat cijfers en een conclusie.

Van de elf Tweede Kamerverkiezingen sinds 1972 heeft de VVD vijf maal zetels verloren. Vier van die vijf verkiezingen was de lijsttrekker een sociaal-liberaal. Slecht één maal gingen er zetels verloren onder een rechtse liberaal. Wiegel verloor in 1981 (slechts) twee zetels na zitting in het eerste kabinet Van Agt. Als we het aantal zetels winst en verlies optellen komen we voor rechts-liberaal op 30 zetels winst en voor sociaal-liberaal op een verlies van 24 zetels. Je begint je dan werkelijk af te vragen wat de VVD heeft te zoeken in het sociaal-liberalisme. Het succes van Bolkestein kwam door zijn rechts-liberale geluid. Hij dekte de rechterflank van de VVD prachtig af. Geen ruimte latend voor het populisme dat naderhand door Fortuyn, Marijnissen, Wilders en Verdonk met genoegen werd gebruikt. Een flirt met het rechts-populisme door de VVD is op minstens twee manieren te verantwoorden.
- bewezen electoraal gewin
- het bezet houden van de rechterflank, zodat er geen ruimte is voor de gevaarlijke variant van het rechts populisme
Hiermee wordt het politiek landschap op termijn weer genormaliseerd en zullen de verhoudingen, alsmede de toon, in het publieke debat weer wat vriendelijker worden. Bijkomend voordeel is dat ons bespaard wordt heren als Bosma en De Mos van de PVV in de Tweede Kamer te aanschouwen, mijn tenen hebben niet eerder zo krom gestaan.

Het populisme (of protestisme, als leuke nieuwe term) vertegenwoordigt zo'n 20% van het electoraat en moet haar plaats hebben in de Nederlandse politiek, getuige de uitslagen van LPF (2002, 26 zetels), SP (2006, 25 zetels) en zoals het er nu naar uitziet Wilders (25 zetels). Mijn voorkeur gaat er naar uit dat de SP en de VVD die uitlaatkleppen verzorgen. Dat zijn partijen met een redelijke achterban, ervaren bestuurders op lokaal niveau en het is waarschijnlijk dat ze geen probleem hebben capabele bewindslieden te recruteren (denk aan de LPF). In tijden van economische voorspoed en maatschappelijke rust kan die 20% gewoon lekker op CDA, PvdA en Groen Links stemmen. In tijden van rumoer en tegenspoed kan men de zijkanten opzoeken en eventueel D66, ook een partij die wel vaart bij protest (getuige de 24 zetels in 1994, overigens ook ongeveer 20%).

Terug naar de VVD. Een VVD met Henk Kamp (gevlucht naar de Antillen) als fractievoorzitter en verder Hans van Baalen (weggepromoveerd naar Europa), Arend Jan Boekestijn (uit de fractie geklapt), Rita Verdonk (voordat ze ontspoorde), Geert Wilders (voordat hij radicaliseerde) en Ayaan Hirsi Ali (weggejaagd) had mijns inziens een groot succes kunnen zijn als tegenwicht in de Kamer tijdens Balkenende IV. Dan had men nu wellicht op een zeteltje of 34 gestaan. Wat is er na Bolkestein eigenlijk een potje van gemaakt.

Bovenstaande beschouwende verzoek ik de VVD haar verantwoordelijkheid te nemen. Mark Rutte staat één ding te doen om te voorkomen dat hij over tien jaar als D66-Minister van Economische Zaken met fractievoorzitter Van Baalen van de VVD staat te debatteren: zijn vuist ballen, op tafel slaan en Wilders de wind uit de zeilen nemen.

Mark Rutte, cowboy up!

vrijdag 12 maart 2010

Het is allemaal de schuld van Jack de Vries

U kent wellicht het liedje van Jeroen van Merwijk "Het is allemaal de schuld van Wouter Bos." Onlangs zag ik deze aubade live en ik heb er hartelijk om gelachen.

Echter, nu de rook van het vallen van het vierde kabinet Balkenende optrekt en Wouter Bos van het toneel verdwijnt, wil ik de heer Van Merwijk verzoeken een versie te maken met de titel "Het is allemaal de schuld van Jack de Vries". Dat klinkt minstens zo aanstekelijk. En het is minstens zo waar.

Even voor de goede orde: Jack de Vries verdient het om de opvolger van Balkenende te worden. Ik heb al sinds begin 1994 bewondering voor Jack de Vries, toen hij als voorzitter van het CDJA dagvoorzitter was bij een bezoek van Elco Brinkman aan mijn middelbare school. Young Jack maakte indruk. Wat spijtig is, is dat hij een briljant strateeg is, maar een middelmatig televisiedebater. Dat is jammer, want meer dan minister zal hij daarom waarschijnlijk niet worden.

Maar waarom is het dan allemaal de schuld van Jack de Vries? De onwaarschijnlijke leider van ons land, Jan Peter Balkenende, heeft minstens zijn vierde kabinet aan Jack de Vries te danken. Balkenende I en II zijn ook niet De Vries-vrij, maar daar waren andere krachten groter. U zegt dan met gevoel voor understatement wellicht: "Nou, het CDA levert wel vaker de premier." Mag ik u er dan even op wijzen dat een maand of acht voor de verkiezingen van 2006 de PvdA op meer dan zestig zetels stond in de peiling en dat dit voornamelijk door de spindoctorij ("U draait en u bent niet eerlijk") van Jack de Vries totaal in elkaar is gestort? Het is daarom, kort door de bocht en met een knipoog, allemaal de schuld van Jack de Vries.

Hier vast één couplet:

Er is echt van alles mis in Nederland
Want Wilders zet de moslims aan de kant

Ach, en Agnes smeet de handdoek in de ring
Dat raakt me, al is de SP niet echt mijn ding

Hans van Mierlo is ook niet meer onder ons
Dat leverde van links tot rechts een frons

Bos is opgevolgd door Job Cohen
benieuwd hoe snel ik daar nou weer aan wen

En bepaal ik nou echt zelf wel wie ik kies?
Het is allemaal de schuld van Jack de Vries

donderdag 11 maart 2010

Een gebrek aan leiderschap

De laatste weken is een discussie ontstaan over (een gebrek aan) leiderschap in de Nederlandse politiek. Leiderschap is naast visie, daadkracht en samenbinding ook senioriteit. Voor de aardigheid heb ik een korte analyse gemaakt van de lijsttrekkers van de partijen die de politieke constante van de afgelopen twintig jaar vormen, te weten de VVD, het CDA, de PvdA, D66 en Groen Links. Bij gebrek aan andere gegevens, heb ik me beperkt tot de leeftijd. Er zijn geen pretenties, alleen constateringen. Hieronder het overzicht van de lijsttrekkers van 1989 tot en met 2010.


1989199419982002200320062010
VVDVoorhoeve 1945 (44)Bolkestein 1933 (61)Bolkestein 1933 (65)Dijkstal 1943 (59)Zalm 1952 (51)Rutte 1967 (39)Rutte 1967 (43)
CDALubbers 1939 (50)Brinkman 1948 (46)De Hoop Scheffer 1948 (50)Balkenende 1956 (46)Balkenende 1956 (47)Balkenende 1956 (50)Balkenende 1956 (54)
D66Van Mierlo 1931 (58)Van Mierlo 1931 (63)Borst 1932 (66)De Graaf 1957 (45)De Graaf 1957 (46)Pechtold 1965 (41)Pechtold 1965 (45)
PvdAKok 1938 (51)Kok 1938 (56)Kok 1938 (60)Melkert 1956 (46)Bos 1963 (40)Bos 1963 (43)Cohen 1947 (63)
GLBeckers 1938 (51)Rabbae/Brouwer 1941/1950 (49)Rosenmüller 1956 (42)Rosenmüller 1956 (46)Halsema 1966 (37)Halsema 1966 (40)Halsema 1966 (44)
totaal254275283242221213249
gem.50,85556,648,444,242,649,8

Als we kijken naar de leeftijd die door de lijsttrekkers van deze partijen werd bereikt in het jaar van Tweede Kamerverkiezingen zien we dat deze in de jaren '90 (plus 1989) beduidend hoger was dan in het eerste decennium van deze eeuw. In 2002 duikt de gemiddelde leeftijd voor het eerst onder de 50, vervolgens naar een laagterecord in 2006 van 42,6.

Wat nog meer opvalt:
De VVD en Groen Links hebben vanaf 1989 als enige een keer een dertiger als lijsttrekker gehad. De VVD in de persoon van Mark Rutte in 2006. Groen Links had met Femke Halsema de jongste lijsttrekker (37 in 2003). De resultaten ten opzichte van de voorgaande verkiezingen waren niet glorieus, respectievelijk verloor men zes en twee zetels.

Het CDA heeft bij elke verkiezing een lijsttrekker tussen de 46 en de 54 gehad, een bandbreedte van 8 jaar. Dat is uniek vergeleken met de andere partijen. VVD: 26, D66: 25, PvdA: 23, GL: 14. Je kan je afvragen of dat toeval is of tactiek. Zo beschouwd is overigens momenteel Verhagen een waarschijnlijkere opvolger van Balkenende dan Eurlings. UPDATE 1: Inmiddels heeft Eurlings aangegeven de nationale politiek te verlaten.

UPDATE 2: Mede door het aftreden van Wouter Bos met Job Cohen als zijn opvolger stijgt de gemiddelde leeftijd in 2010 met 7,2 jaar in vergelijking met 2006. Wij zijn dan weer bijna boven de 50.

Misschien is het aardig om vertrouwen in de politiek hier nog tegenaan te zetten.