woensdag 28 april 2010

Politiek leider hoort in de Kamer?

Tijdens en rond Tweede Kamerverkiezingen hoor je journalisten en opiniemakers vaak over deze kwestie vragen stellen of hun mening geven. Politici proberen dan dikwijls het antwoord te ontwijken. Het lijkt er op dat journalisten vinden dat op deze vraag slechts twee antwoorden mogelijk zijn. 'Ja' en 'nee'. Bij de keuze tussen die twee lijkt het inmiddels politiek correct om voor 'ja' te gaan. Ik vind dat onzin.

Waarom moet daar zo nodig een regel voor zijn?
Het argument om de politiek leider in de Tweede Kamer te willen in het geval van regeringsdeelname is vaak 'dualisme'. Als de politiek leider in het kabinet plaatsneemt zou het de Tweede Kamer fractie onacceptabel verzwakken. De Tweede Kamerfractie zou de ideologische waakhond van de partij zijn. Maar is het dan geen teken aan de wand als de politiek leider in de fractie plaatsneemt?

Er zijn meerdere voorbeelden te noemen, waarbij de politiek leider van een regeringspartij succesvol in de Tweede Kamer plaatsnam. Norbert Schmelzer en Frits Bolkestein bijvoorbeeld. Er zijn echter ook voorbeelden te noemen waarbij de politiek leider wel plaatsnam in het kabinet, en dat dat ook succesvol was. Willem Drees, Ruud Lubbers en Wim Kok zijn voorbeelden. Zij waren allen premier, maar Terlouw, Van Mierlo, Toxopeus en Wiegel (1977 tot 1981) bijvoorbeeld niet. De geschiedenis bewijst dat het heel erg van de situatie afhangt.

Of de politiek leider in de Kamer plaatsneemt is afhankelijk van veel factoren:
- is de betreffende partij de grootste?
- is de politiek leider een uitvoerder of een wetgever, er is nogal een verschil in benodigde capaciteiten tussen een Kamerlid en bijvoorbeeld een vice-premier.
- de samenstelling van het regeringsteam.
- is er een krachtig alternatief als fractieleider.
- is de fractie als totaal sterk genoeg om zonder de politiek leider van de partij te opereren.
- kan de persoon in kwestie de dubbelrol aan.
- wat zijn de persoonlijke ambities van de politiek leider.

Al met al lijkt het daarom onmogelijk een regel te bedenken. Het is echter niet zo dat het stellen van de vraag zinloos is. Het kan veel zeggen over de mogelijke invulling van het kabinet. En dat kan invloed hebben op het stemgedrag van mensen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten